parabenen

De zin en onzin over parabenen

Nu Romano Sandee een paar maanden bestaat en dus ook regelmatig terug te vinden is op markten, ladies nights en dergelijken, komen de producten ook steeds meer in aanraking met consumenten en wordt de vraag vaak gesteld: “Zitten er parabenen in je producten?” Ja, die zitten in mijn producten, waarna soms mensen afhaken omdat ze “ooit hebben gehoord” dat het slecht zou zijn. Er zijn ook behoorlijk wat gruwelverhalen te vinden over parabenen, maar wat is nu eigenlijk waar en wat juist niet? In dit achtergrondartikel ga ik in op de grondstof die in een aantal van de producten van Romano Sandee voorkomt.

Inleiding

In 1920 kwamen parabenen als eerst op de markt als een synthetisch conserveermiddel. Destijds werd het vooral gebruikt in medicatie en levensmiddelen. Pas dertig jaar later werd het voor het eerst toegepast bij cosmetica en verzorgende producten. Vervolgens verscheen er in 2004 een wetenschappelijk artikel waarin parabenen in verband werden gebracht met borstkanker. Sindsdien gaan er vele ketttingmailtjes rond en verschijnen er berichten in de media dat parabenen slecht zouden zijn. Consumenten werden hierdoor angstig voor parabenen en grote cosmeticaconcerns hebben hier dankbaar gebruik van gemaakt en hierop ingespeeld door producten te gaan maken die “vrij van parabenen zijn”, waardoor het gevoel van de consument extra versterkt werd. Maar is dat wel zo terecht?

Waar vind je parabenen?

Parabenen zijn aan het begin vooral synthetisch samengesteld, pas later kwam men erachter dat parabenen ook in andere producten zitten die wij consumeren, een bekend voorbeeld hiervan is honing, maar ook in komkommer, olijven, wortels, passievruchten, mango, aardbeien en perziken. (bron)

Wat zijn parabenen precies?

Parabenen zijn bedoeld om een product te beschermen tegen schimmels en bacteriën. Deze functie heeft het ook in de producten van Romano Sandee. Er zijn verschillende soorten parabenen, maar in het beginsel stammen ze af van de “alkylketen”. De alkylgroep bestaat uit één koolstofatoom en drie waterstofatomen. In deze vorm heet de stof methylparabeen. Daarnaast heb je nog andere soorten parabenen met een langere alkylketen butylparabeen, ethylparabeen of propylparabeen die dan meer koolstofanatomen hebben en meer waterstofanatomen. De lengte van de alkylketen wordt vooral bepaald voor welke stof het gebruikt moet worden. Zo hebben schoonmaakproducten een kortere alkylketen dan verzorgende producten. Bij een kortere alkylketen kan de keten ook goed verbonden worden aan watermoleculen, terwijl een hogere keten beter verbonden kan worden met producten met een oliebasis. Doordat de keten langer wordt, functioneren de alkylparabenen ook beter omdat ze ervoor zorgen dat de celmembraam van een schimmel of bacterie niet meer goed gaat functioneren en daarmee dus het product veiliger maken.

De veiligheid van parabenen

Alle producten die in Nederland, of eigenlijk de gehele Europese Unie op de markt komen, moeten voldoen aan strikte voorwaarden. Er mogen ook niet zomaar willekeurige producten gebruikt worden. Binnen de Europese Unie adviseert het Scientific Committee on Consumer Safety (SCCS) over het gebruik van stoffen in bijvoorbeeld cosmetische en verzorgende producten. Het SCCS heeft meerdere malen al eens uitspraken gedaan over de veiligheid van parabenen in verzorgende producten. Zeker na een onderzoek uit 2004 (Dabre) waarin een wetenschappelijk artikel suggereerde dat parabenen verbonden zouden zijn aan borstkanker, zette het SCCS weer flink op scherp. Hoewel het niet wetenschappelijk is aangetoond dat parabenen zouden leiden tot borstkanker, is door de kettingmailtjes en berichten door grote producenten, de parabeenvrees niet afgenomen. Dat het onderzoek uit 2004 slechts suggestief was en op slechts 20 personen is uitgevoerd bij mensen met borstkanker en daarnaast op enkele ratten waaraan parabenen waren ingespoten, werd er helaas niet bij vermeld (bron) en helaas werd ook niet vermeld dat de onderzoekers van dat onderzoek zelf nog vraagtekens zetten bij het gegeven of de resultaten rechtstreeks uit het gebruik van parabenen voort zou komen en dat het nader onderzocht zou moest worden. Daarnaast werd er geen vergelijking gemaakt met mensen zonder borstkanker, waardoor de resultaten ook niet representatief te noemen zijn.

Een jaar later verscheen er vanuit de SCCS een tegenonderzoek in 2004. Zij gaven aan dat in studies, onderzocht wederom bij knaagdieren, dat parabenen praktisch geen toxische (giftige) reactie afgaven, maar dat parabenen juist goed door het lichaam werden opgenomen, en afgescheiden door het lichaam (dit gebeurt doorgaans via de nieren die het afscheiden via de urine, zweten en/of ontlasting). Wel bleek dat mensen met een wondje of kapotte huid (bijv. bij eczeem of psoriasis) gevoeliger waren voor de stof. In proeven zowel in levend weefsel als in een reageerbuis bleek dat er onvoldoende toxische reacties plaatsvonden op parabenen. Daarnaast werd aangegeven dat een parabeen niet een indicatie had om in potentie tot kanker te leiden, dat weer onderbouwd is in experimentele studies. Ook werd in het onderzoek aangegeven dat de oestrogeen (vrouwelijke hormonen) productie nadelig beïnvloed zou worden. In het onderzoek van 2005 kwam hier juist uit dat de SCCS dit in twijfel trekt en dit niet te wijten is aan het metabolisme van parabenen en geeft ook aan gezien de meningsverschillen over parabenen niet verkeerd zouden zijn. (bron)

In 2011 deed onderzoeker Dabre een nieuw onderzoek waarbij monsters van 40 patiënten met borstkanker werden geanalyseerd. Bij het onderzoek werd geen tumorweefsel onderzocht, al was wel een hogere meting van parabenen met 85 nanogram per gram. De resultaten kwamen niet overeen met eerdere veronderstellingen, omdat de metingen niet hoger waren op plaatsen waar geen tumorweefsel in de buurt aanwezig was. Ook was de meting niet hoger dan de borstkanker gevoeliger was voor oestrogenen. Ook in dit onderzoek kon niet worden aangetoond dat parabenen invloed hebben op borstkanker. (bron)

Mogelijke oestrogene werking parabenen

Er werd dus al onrust veroorzaakt door de mogelijke oestrogene werking waar parabenen invloed op zouden kunnen hebben. Ook dit is uitgebreid onderzocht in verschillende onderzoeken. In 1998 werd voor het eerst hier een melding al van gemaakt door onderzoeker Routledge (bron) dat parabenen invloed hebben op de oestrogene werking, maar dat in een reageerbuis proef al snel bleek dat de parabeen 10.000 keer minder effect had dan de natuurlijke stof oestradiol. Oestradiol is een natuurlijke stof die zowel mannen als vrouwen produceren, vrouwen meer en produceren het vanuit de eierstokken, terwijl mannen het produceren in mindere mate in de testikels. Ook bleek uit het onderzoek dat pre-puberale ratjes die elke dag een injectie kregen met oestradiol (0,04 mg/kg) een baarmoeder kregen die drie keer zo zwaar werd als normaal, terwijl dat bij duizend keer zoveel butylparabeen (40 mg/kg) geen enkel effect gemeten werd. Het gewicht werd wel iets hoger gemeten toen ratten 400 mg/kg aan butylparabeen kregen. Om aan het effect te tippen van een drie keer het gewicht van de baarmoeder te komen, moest er 2400 mg/kg butylparabeen geïnjecteerd worden. Overigens was het zo dat het effect alleen meetbaar was bij het injecteren van de parabenen. In het verwerken van het voedsel had het geen effect op de grootte van de baarmoeder.

De onderzoeken bepaalden uiteindelijk dat het SCCS besloot om de “veilige norm” voor butylparabeen te plaatsen op 2 mg/kg en daarbij mag volgens het comité één honderdste als absoluut veilig worden geacht voor de consument.

Kunnen parabenen op natuurlijke wijze vervangen worden?

Zoals aangegeven, zijn parabenen vooral bedoeld als conserveringsmiddel in de cosmetica en verzorgingsproducten. Zijn er dan natuurlijke opties om parabenen uit producten te halen en te vervangen? En kan dat net zo goed als met parabenen zelf?

Eigenlijk kan ik daar vrij kort over zijn: nee. Natuurlijke wijzen zijn lang niet zo goed als de parabenen zelf: in eerste instantie zijn parabenen al erg stabiel en dat blijkt ook wel: immers gebruiken we anno 2014 deze stof al 94 jaar en zijn er geen onderbouwde bewijzen dat ze een nadelige eigenschap hebben voor het lichaam. Daarnaast zijn ze minder effectief als het gaat om de veiligheid, dus om minder goede bacteriën en schimmels te doden in cosmetica die u niet op uw huid wil hebben.

Ook zijn de natuurlijke conserveermiddelen vaak wat moeilijker te stabiliseren of heb je hogere volumes van het product nodig. Zo kun je een hele hoge dosering van vitamine E gebruiken om bijvoorbeeld een crème te stabiliseren. Echter is het nadeel dat een product dan kan schiften. Daarnaast is een overstimulatie van een vitamine ook niet gezond te noemen voor je lichaam. Je zou je dan ook kunnen afvragen wat schadelijker is: een geschifte crème of een goede crème waar parabenen aan toegevoegd zijn.

Een ander alternatief wat gebruik wordt is Tea tree olie, echter bleek dat ook onder dit alternatief een licht oestrogene functie te hebben, en dat was nu net waarom je dan parabenen zou mijden. (bron) Wanneer u als consument dan toch kritisch gaat kijken naar het gebruik van ingrediënten, zou er dan ook goed aan doen om af en toe te kijken dat moeder natuur ook parabenen levert, die ook deze werking kunnen hebben op het lichaam. Een echt goed alternatief is het dus zeker niet!

Als je het hebt over veiligheid en stabiliteit, dan val je op dit moment vooral nog terug op de parabenen.

Dosering parabenen bij Romano Sandee

De dosering van de parabenen bij Romano Sandee producten betreft slechts 0,261%. De hoeveelheid parabenen is zeer minimaal te noemen dus in de producten. Ook kun je natuurlijk kiezen voor producten die parabeenvrij zijn -niet dat het nodig is, gezien het bovenstaande artikel-. Kies in dat geval voor de badoliën, druivenpitoliën en massageoliën.

0 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *